Splitsingen van 10 (groep 3)
Doel: De kinderen verkennen de splitsingen van 10.
Doelgroep: groep 3.
Tijdsduur: 30 minuten.
Plaats: In de klas.
Materiaal:
- Per kind 2 kleuren kralen
(50 van iedere kleur). - Per kind voldoende rijgdraad plus eventueel een naald.
- Poster met verliefde getallen.
- Werkblad 'Verliefde getallen'.
Uitwerking
Vertel de kinderen dat ze vandaag een ketting gaan maken. De kralen aan de ketting moeten op een heel speciale manier geregen worden:
- Twee verschillende kleuren kralen maken samen steeds 10.
- Er zijn steeds verschillende samenstellingen, bijvoorbeeld 2 blauwe kralen en 8 rode kralen of 3 blauwe kralen en 7 rode kralen enzovoort.
Evaluatie
De kinderen laten hun ketting zien en vertellen elkaar hoe hun reeksen van 10 eruitzien. Misschien is er een kind dat dit op het bord kan noteren met getallen. Teken daarvoor een roze en een groene kraal op het bord. Hieronder kan het kind de gebruikte hoeveelheden schrijven.
Bijvoorbeeld: een leerling zegt: 'Ik heb 1 roze kraal en 9 groen kralen.'
Op het bord komt dan te staan:

Zo ontstaan als vanzelf alle splitsingen van 10.
Stel hierbij vragen als:
- Hebben we alle manieren om 10 te maken gevonden?
- Hoeveel verschillende manieren zijn er om 10 te maken?
Vervolg
Neem de poster en hang hem op. De kinderen vergelijken de poster met wat er op het bord staat. Wat valt hun op? Bij de kralen hebben we een hele lange rij: van 1 tot 9 onder de roze kraal en van 9 tot 1 onder de groene kraal. Op de poster is de rij echter veel korter: van 1 tot 5 en van 9 tot 5.
Kan dat? Waarom wel of waarom niet?
Concludeer samen dat 9 en 1 verliefd zijn op elkaar en dus bij elkaar horen.
Als je weet dat 9 en 1 samen 10 zijn, geldt dat omgekeerd ook voor 1 en 9. En dit gaat natuurlijk ook op voor de andere getallen.
Geef de kinderen tot slot het werkblad. Ze schrijven de cijfers in de juiste hokjes.
Klik hier voor de poster met verliefde getallen.
Klik hier voor het werkblad 'Verliefde getallen'.

Dit is een les van leerkracht Margo. Bekijk ook andere lessen van haar.
- Getallen (groep 1-2)
- Boodschappen doen (groep 3-4)
- Tellen met sprongen (groep 3-4)
- Analoge en digitale tijd (groep 4-5)
- Op schoolreis! (groep 5-8)
-
Inhoudsmaten (I) (groep 6-7)
-
Inhoudsmaten (II) (groep 6-7)
- Oppervlakte berekenen (groep 7)
- Tabellen lezen (groep 7)
